Selectieve preventie

In de nationale drugsstrategieën en actieplannen wordt steeds vaker en explicieter melding gemaakt van preventiemaatregelen die primair op kwetsbare groepen zijn gericht. Die nadruk is in de nieuwe lidstaten zelfs nog sterker dan in de oude: Estland (straatkinderen, speciale scholen), Hongarije, Cyprus, Malta, Polen (verwaarloosde kinderen en jonge mensen uit probleemgezinnen) en Slovenië.

Omdat kwetsbare groepen vaak al lange tijd met legale en illegale drugs te maken hebben (gehad), zijn de meeste selectieve preventieacties beperkt tot het verstrekken van op maat gesneden informatie, individuele counseling en creatieve of sportieve alternatieven. Daarbij dient wel bedacht te worden dat technieken die in de uitgebreide sociale beïnvloedingsprogramma’s in het kader van algemene preventie worden gebruikt, bij selectieve preventie net zo effectief, zo niet effectiever zijn. Het is gebleken dat een normatieve herstructurering (d.w.z. leren dat de meeste leeftijdsgenoten drugsgebruik afkeuren), assertiviteitstraining, motivatie en het formuleren van doelen in combinatie met het uit de wereld helpen van bepaalde mythen en fabels voor kwetsbare jongeren zeer effectieve methoden zijn (Sussman et al., 2004). Desalniettemin worden zij in de EU zelden gebruikt bij selectieve preventie. Interventietechnieken in recreatieve settings (zie “Preventie in recreatieve settings”) vinden meestal wel plaats in de vorm van gerichte informatie.

Selectieve preventie in scholen

De belangrijkste doelstellingen van selectieve preventie in scholen zijn crisisinterventie en een vroegtijdige signalering van scholieren met problemen. Het doel is om oplossingen op schoolniveau te vinden om te voorkomen dat risicoscholieren van school gaan of van school gestuurd worden waardoor hun situatie alleen nog maar verergert. In Duitsland, Ierland, Luxemburg en Oostenrijk worden daartoe programmatische acties uitgevoerd (Leppin, 2004), terwijl in Polen en Finland aan docenten training wordt gegeven of richtsnoeren worden aangereikt om leerlingen met problemen, inclusief drugsgebruik, te herkennen en adequate actie te ondernemen. Tot de traditionele individuele benaderingen behoren ook de zogeheten educatieve psychologische hulpdiensten (zoals in Frankrijk en op Cyprus) die op basis van zelf- of doorverwijzingen kunnen worden ingeschakeld. Ierland beschikt over een nieuwe, uitgebreide educatieve sociale dienstverlening voor scholen en gezinnen in gebieden met een onderwijsachterstand om ervoor te zorgen dat kinderen regelmatig naar school gaan.

Selectieve preventie in de gemeenschap

Selectieve preventie in de gemeenschap (wijk/gemeente) is meestal gericht op kwetsbare jonge mensen op straat. In de noordelijke landen wordt bij de “straatzwervers-aanpak” gebruik gemaakt van groepen ouders die op straat patrouilleren. Oostenrijk heeft veel geïnvesteerd in het creëren van een beter evenwicht tussen drugspreventie, sociale educatie en maatschappelijk werk door cursussen, kwaliteitsrichtsnoeren en seminars aan te bieden voor bijvoorbeeld maatschappelijke jongerenwerkers in recreatieve setting. Doelstelling is ook om de structuren voor het maatschappelijk jongerenwerk te gebruiken voor professionele drugspreventie. Iets soortgelijks vindt ook in Noorwegen plaats, waar getracht wordt om een betere samenwerking en intensievere interdisciplinaire inspanningen tussen scholen, instanties voor kinderbescherming en de sociale dienstverlening tot stand te brengen. RAR-methoden (Rapid Assessment and Response) (36) - het snel verzamelen van informatie (statistisch materiaal) gecombineerd met interviews (vragenlijsten, focusgroepen) en/of observaties van het probleemgebied - worden niet alleen in de eerder genoemde projecten in Noorwegen gebruikt, maar ook in Duitsland en Nederland.

Ierland, het Verenigd Koninkrijk en, in mindere mate, Nederland en Portugal hebben een traditie van acties in buurten met een hoog risico. Duitsland (Stöver en Kolte, 2003, geciteerd in het Duitse nationale verslag) en Frankrijk hebben nu echter ook maatregelen op dit gebied voorgesteld. Het is voor het eerst dat in deze twee landen drugspreventie op basis van sociale criteria gericht wordt op specifieke geografische gebieden.

In het selectieve preventiebeleid van een aantal lidstaten bestaat in toenemende mate aandacht voor specifieke etnische groepen (bijvoorbeeld in Ierland, Luxemburg en Hongarije). Zo is de nadruk op etniciteit een belangrijk aspect in Hongarije, waar de Roma-populatie een hoog risico op drugsgerelateerde problemen loopt vanwege haar sociale en culturele kenmerken en de ongunstige leefomstandigheden. In Hongarije worden door non-gouvernementele organisaties (NGO’s) niet alleen trainingen door mede-Roma georganiseerd, maar ook zelfhulpgroepen, supervisie, diverse preventieprogramma’s en laagdrempelige diensten voor Roma.

Kwetsbare gezinnen

Algemene gezinsgerichte preventie (meestal avondbijeenkomsten, lezingen, seminars en workshops voor ouders) is nog steeds populair in veel lidstaten (Duitsland, Frankrijk, Cyprus en Finland) ondanks het gebrek aan bewijsmateriaal voor de effectiviteit ervan (Mendes et al., 2001). In Griekenland, Spanje, Ierland en Noorwegen is nu echter sprake van interessante ontwikkelingen op het gebied van selectieve preventie in gezinnen. In deze landen wordt namelijk gebruik gemaakt van innovatieve concepten met een ruimer toepassingsgebied dan alleen maar gezinnen/ouders met drugsproblemen, omdat bij deze aanpak ook de sociale, economische en culturele factoren bij drugsgebruik worden onderkend. In Nederland is bij de evaluatie van drugspreventieprojecten voor immigrantenouders geconcludeerd dat een standaardinterventie via immigrantennetwerken met een gescheiden benadering van vrouwen en mannen, een geschikte nieuwe methode zou kunnen zijn (Terweij en Van Wamel, 2004). In Noorwegen heeft in drie gemeenten Parent Management Training (PMTO, het Oregon-model) plaatsgevonden waarna een evaluatie is uitgevoerd (PMTO is oorspronkelijk een trainingsmethode voor gezinnen met kinderen met ernstige gedragsproblemen). In twee andere landen is het Iowa Strengthening Families Program (ISFP) ten uitvoer gelegd. In dit intensieve programma voor risicogezinnen worden trainingsmethoden voor scholieren (10-14 jaar) gecombineerd met een educatief programma voor hun ouders, waarbij wordt geprobeerd om drugsgebruik via een beter functionerend gezin en een sterkere familieband te voorkomen (Kumpfer et al., 2003).


(36) Wereldgezondheidsorganisatie: The rapid assessment and response guide on psychoactive substance use and especially vulnerable young people.